literatuurgeschiedenis.nl | de negentiende eeuw
Zwarte romantiek

Zwarte romantiek moet men zien als een verhevigde vorm van Romantiek. Nicolaas Beets heeft de term waarschijnlijk het eerst gebruikt. Toen hij uitgekeken was op de Romantiek schreef hij een stuk, getiteld `Mijn zwarte tijd’, waarin hij aangaf genezen te zijn van het dwepen met wanhoop en somberte. Maar de zwarte Romantiek is een internationaal verschijnsel. Het is uitgebreid behandeld in een beroemd boek van de Italiaan Mario Praz uit 1930, Romantic Agony genoemd. Praz zegt, dat er in de Romantiek door heel Europa een voorliefde aangewezen kan worden voor het sublieme. Hiermee bedoelt hij dat lust en lijden, genot en gruwelen met elkaar samen kunnen gaan en een aparte esthetische gewaarwording geven. De mens kijkt met wellust naar het graf waarin een half verteerd jong meisje ligt. Hij huivert, maar tegelijkertijd geniet hij ervan. Praz heeft in zijn boek honderden voorbeelden gegeven van deze vorm van het sublieme in de negentiende-eeuwse kunst. De aandacht voor de geesteswereld, waarin spoken en ondoden ronddolen hoort ook daarbij. De nachtzijde van het bestaan is belangrijker dan het heldere, rationele. Daarom ook de aandacht voor de Middeleeuwen, die werden ervaren als een huiveringwekkende tijd. Waanzinnigen, verdoolden en kluizenaars spraken de waarheid of voorspelden de toekomst. De dood werd begeerlijk en zelfmoord een natuurlijk gevolg van inkeer.

In het buitenland gelden de Engelse dichter Gordon Lord Byron, de Amerikaan Edgar Allan Poe, de Duitse schrijvers Heinrich von Kleist en E.T.A. Hoffmann als vertegenwoordigers van de zwarte Romantiek. Byron heeft de `byronic hero’ geschapen. Dat is een literaire figuur die maling heeft aan alles, die spot met godsdienst en deugdelijkheid. Alle vrouwen in zijn omgeving wil hij verleiden en ze zo afhankelijk van hem maken dat ze meegaan in zijn kwade plannen. Byron was in het persoonlijke leven een `byronic hero’ die zijn vrouw sarde, een verhouding had met zijn zus en liever vijanden maakte dan vrienden. Een ander voorbeeld van een zwarte romanticus is Heinrich von Kleist, die op jonge leeftijd samen met zijn vriendin zelfmoord pleegde. Veel helden uit de romans van de Romantiek zijn wankelmoedige eenlingen, die zich erin verlustigen eenzaam te zijn en buiten de maatschappij te staan.

Ook in Nederland is de zwarte romantiek aangeslagen. We noemden al Nicolaas Beets. Als student schreef hij dichtverhalen vol waanzin, zelfmoord en incest. In de romans van J. F. Oltmans en Jacob van Lennep treden heksen en geestesverschijningen op.Willem Hofdijk schreef middeleeuwse balladen vol sublieme taferelen. Een brute koning dwingt een jonge edelvrouw met hem te trouwen. Op de bruiloft weigert zij wijn, en dan dwingt hij haar te drinken uit de schedel van haar vader:

‘Ha!” barst hij knarsetandend uit:
`Gij drinkt niet, schoone teedre bruid?
Kan onder al die bekertallen
Niet één mijn Rosamund bevallen?
Het zij zoo: ‘k weet een beetren, die
U meer behagen zal. – Men bie
Der kiesche koningin den afgehouwen kop
Van Cunimund, in goud gevat,
En vull’ dien tot den rand, opdat
Zij met heur’ Vader moge drinken!’
Verder lezen